In de praktijk schiet die DPIA er regelmatig bij in. Gemeenten gaan ervan uit dat de politie de privacy rondom de camerabeelden wel borgt, de politie gaat er op haar beurt van uit dat de gemeente als initiatiefnemer de benodigde stappen zet. Het gevolg: geen van beide partijen brengt de risico’s rond de lokale situatie structureel in kaart.
Wat deze DPIA doet
Deze DPIA brengt het hele proces van cameratoezicht in beeld, van het aanwijzingsbesluit van de burgemeester tot de opslag en verwijdering van beelden door de politie. Hij behandelt onder meer de verdeling van verantwoordelijkheden tussen gemeente en politie, de bewaartermijn van vier weken die op grond van artikel 151c lid 9 geldt, de risico’s rond function creep en ongeautoriseerde toegang, en de eisen die de gemeente bij aanbesteding van een camerasysteem moet stellen.
Ook zonder wettelijke DPIA-plicht voor de gemeente zelf, biedt dit document een praktisch startpunt. Hij werkt als gespreksstarter richting de politie-eenheid, als leidraad voor elk afzonderlijk aanwijzingsbesluit, en als toetsingskader wanneer nog niet duidelijk is of er ooit een DPIA is opgesteld.
Voor wie
Bruikbaar voor privacy officers, FG’s, juristen en beleidsmedewerkers openbare orde en veiligheid, en voor gemeenten die al cameratoezicht hebben ingericht zonder dat er ooit een DPIA aan ten grondslag lag.
Beschikbaar vanaf september
Deze DPIA verschijnt in september in het DPIA Depot. Leden krijgen dan toegang het volledige, invulbare Word-document, inclusief het invulkader per aanwijzingsbesluit en de bijlage met specifieke beveiligingseisen voor aanbesteding.

